Netwerk Groene Bureaus

ngb_009168
brancheorganisatie voor kwaliteitsbevordering en belangenbehartiging

Soortinventarisatieprotocollen in het kader van de Wet natuurbescherming (versie juli 2017)

Bij inventarisaties in het kader van de Wet natuurbescherming bestaat geen eenduidigheid over de inspanning die voldoende is om aanwezigheid van een soort uit te sluiten (juridische nul-waarneming). Om die eenduidigheid te scheppen nam de brancheorganisatie Netwerk Groene Bureaus het voortouw bij het maken van soortinventarisatieprotocollen. Deze protocollen beschrijven een algemeen beeld van de soorten waarbij zoveel mogelijk rekening is gehouden met lokale situaties. Per situatie dient door een soortexpert beoordeeld te worden of dit minimum voor die betreffende situatie voldoende is. Deze protocollen zijn een vervolg op de inspanningen van het NGB met betrekking tot het Vleermuisprotocol.

In het document  (zie 'Soortinventarisatieprotocollen (versie juli 2017) in het kader van de Wet natuurbescherming') is voor een aantal soorten het inventarisatieprotocol beschreven. Het betreft soorten die vaak aan de orde komen tijdens onderzoeken in het kader van natuurwetgeving.

De inventarisatieprotocollen zijn opgesteld op basis van
  • de beschikbare kennis binnen het Netwerk Groene Bureaus,
  • overleg met RAVON en SOVON en
  • literatuurgegevens.
Status
De inventarisatieprotocollen zijn een eerste versie die op basis van jaarlijkse evaluaties van het gebruik en gericht onderzoek verder ontwikkeld (moeten) worden. Dit geldt voor alle protocollen; met name de protocollen voor vogels echter zijn volgens het Netwerk Groene Bureaus en SOVON al vergaand ontwikkeld. Volgens het Netwerk Groene Bureaus, RAVON, en SOVON biedt de huidige versie inventarisatieprotocollen voor dit moment de best beschikbare en toepasbare kennis. Verdere ontwikkeling van deze protocollen is echter vereist.

Ook is voor andere dan de hier opgenomen soorten amfibieën, reptielen en vissen de uitwerking van protocollen noodzakelijk (onder andere knoflookpad, vroedmeesterpad, muurhagedis, beekprik, kwabaal).

Op 1 dec 2016 zijn de inventarisatieprotocollen in concept besproken met medewerkers van provincies, regionale uitvoeringsdiensten, soortenbeschermende organisaties, projectontwikkelaars en adviesbureaus. Daarbij kwamen zowel de ecologisch inhoudelijke, de juridische en de beleidsmatige vragen aan de orde die verbonden zijn aan het gebruik van deze protocollen. In vervolg op de bijeenkomst maakt inmiddels een aantal regionale uitvoeringsdiensten gebruik van de destijds beschikbaar gestelde en nu tot een eerste versie uitgewerkte concepten.

Het Netwerk Groene Bureaus streeft naar formele vaststelling van de inventarisatieprotocollen door het bevoegd gezag. Na vaststelling en de eerste evaluatie van het gebruik (2018) zal het Netwerk Groene Bureaus zijn leden naar verwachting verplichten tot het gebruik van deze protocollen.

Reikwijdte en uitgangspunten van de protocollen
  • De inventarisatieprotocollen beschrijven de minimum onderzoeksinspanning die nodig is om een soort redelijkerwijs, middels een gedragen en maatschappelijk verantwoorde onderzoeksinspanning uit te sluiten. Uitsluitende waarnemingen zijn immers juridisch noodzakelijk.
  • Afwijken van de protocollen is altijd beargumenteerd mogelijk, mits dit een ecologisch inhoudelijke argumentatie betreft. Er zijn andere methoden denkbaar om de aanwezigheid van soorten aan te tonen.
  • De protocollen betreffen methoden voor ecologisch onderzoek in het kader van de Wet natuurbescherming, onderdeel soortenbescherming. Ze zijn niet bedoeld als protocol voor monitoringonderzoek of voor het bepalen van de omvang van de lokale populatie of de populatie binnen het plangebied of onderzoeken naar populatieomvang etc.
  • Er is uitgegaan van gebruik van deze protocollen door ecologen met voldoende soortenkennis en kennis van de onderzoeksmethoden om deze correct uit te kunnen voeren en te kunnen interpreteren.
Inventarisatieprotocollen zijn beschreven voor:  

Vissen
Kleine modderkruiper*
Grote modderkruiper
Rivierdonderpad* en beekdonderpad
Bittervoorn*

Amfibieën
Boomkikker
Poelkikker
Heikikker
Rugstreeppad
Alpenwatersalamander
Vinpootsalamander
Kamsalamander

Reptielen
Ringslang
Hazelworm
Levendbarende hagedis
Zandhagedis

Vogels met jaarrond beschermde nesten
Steenuil
Gierzwaluw
Huismus

*Deze soorten zijn onder de Wet natuurbescherming niet meer beschermd zijn. Deze soorten worden echter wel genoemd in enkele gedragscodes, waaronder de Gedragscode Flora- en faunawet voor waterschappen. Alle waterschappen maken van deze gedragscode op één of andere manier gebruik. Op dit moment zijn er nog geen nieuwe gedragscodes door de minister goedgekeurd en blijven de oude gedragscodes, met alle voorwaarden en verplichtingen van kracht, waaronder de plicht om onderzoek naar de genoemde soorten uit te voeren.

 Het Netwerk Groene Bureaus werkt aan de ontwikkeling van inventarisatieprotocollen voor kleine marterachtigen en wettelijk beschermde insecten.

Zie ook het Vleermuisprotocol 2017